07 Activeren
Module 7

INBEDRIJF
STELLING.

Een correct geïnstalleerd systeem moet ook gecontroleerd worden opgestart. Daarnaast moet de installateur weten hoe hij handelt wanneer een systeem onmiddellijk veilig moet worden afgeschakeld of wanneer een calamiteit ontstaat.

BR Opstartprotocol GEREED
01
Eerst BMS / batterijpack
02
Daarna DC-schakelaar / zekering
03
Als laatste AC-voeding
Leerdoelen

START VEILIG.
STOP VEILIG.
HANDEL VEILIG.

01 U kent de opstartvolgorde uit het huidige BR-praktijkassessment.
02 U kent de functie van de externe ESD/noodstop.
03 U weet hoe u reageert bij ernstige rookontwikkeling of brand.
04 U weet welke informatie bij een calamiteit aan 112 moet worden gemeld.
Les 01

VOORDAT U INSCHAKELT.

Inbedrijfstelling vindt pas plaats nadat installatie, kabelgeleiding, polariteit en de verplichte controles zijn uitgevoerd. Module 7 begint dus waar Module 6 eindigt: met een gecontroleerde installatie.

Eerst controleren, dan activeren

De cursist moet de opstartprocedure kunnen simuleren en de volgorde verbaal correct kunnen onderbouwen tijdens het huidige praktijkassessment.

Les 02

DRIE STAPPEN.
ÉÉN VOLGORDE.

Het huidige praktijkassessment geeft een vaste verbale opstartvolgorde.

01

BMS / batterijpack

Volgens het huidige assessment wordt eerst het BMS of batterijpack ingeschakeld.

02

DC-schakelaar / zekering

Daarna wordt de DC-schakelaar of de daarvoor bedoelde zekering omgezet.

03

AC-voeding

Als derde stap wordt de AC-voeding vanuit de meterkast ingeschakeld.

Interactieve oefening

START HET SYSTEEM.

Klik de drie onderdelen in de juiste volgorde aan. Eén verkeerde keuze reset de simulator.

Huidige status SYSTEEM UITGESCHAKELD
Les 03

ÉÉN HANDELING.
VEILIG UIT.

Het huidige praktijkassessment verlangt dat de kandidaat de externe werkschakelaar of ESD kan aanwijzen en kan demonstreren hoe het systeem daarmee in één handeling volledig spanningsloos wordt gemaakt.

Bereikbaar buiten de opstellingsruimte

In het huidige examenmateriaal wordt de ESD/noodstop bij voorkeur buiten de opstellingsruimte of in de meterkast geplaatst, zodat deze direct bereikbaar is.

ESD NOODSTOP
Les 04

ROOK OF BRAND.
WAT DOET U?

Het huidige calamiteitenprotocol beschrijft een vaste handelingslijn wanneer sprake is van ernstige rookontwikkeling of brand rond een LiFePO4-batterijsysteem.

01

Afschakelen

Indien dit veilig mogelijk is: activeer de externe ESD/noodstop.

02

Evacueren

Verlaat het pand en zorg dat aanwezigen eveneens naar buiten gaan.

03

Deuren sluiten

Sluit deuren om verspreiding van rook zoveel mogelijk te beperken.

04

112 bellen

Meld expliciet dat het om een stationair LiFePO4-batterijsysteem gaat.

Les 05

ZEG WAT ER STAAT.

Het huidige praktijkassessment verlangt dat de kandidaat bij een calamiteit duidelijk benoemt dat sprake is van een Lithium-ijzerfosfaat-batterijsysteem en de opslagcapaciteit noemt.

Voorbeeld melding uit het opleidingsmateriaal

Meld dat sprake is van brand of calamiteit bij een stationair LiFePO4-batterij- energieopslagsysteem en vermeld het relevante pakketformaat van 16, 32 of 48 kWh.

Calamiteitensimulator

WAT DOET U EERST?

Scenario

Een batterijmodule in de bijkeuken begint plotseling dichte rook te ontwikkelen. U staat buiten de ruimte en de externe noodstop is bereikbaar.

Correct. Het huidige BR-protocol begint met veilig afschakelen indien mogelijk, gevolgd door evacueren, deuren sluiten en hulpdiensten alarmeren.
Kennischeck

STARTEN EN STOPPEN.

Controleer of u de procedures uit deze module kent.

Vraag 1 van 6

Wat is volgens het huidige praktijkassessment de eerste stap van de opstartprocedure?

De eerste stap is het inschakelen van BMS / batterijpack.
Vraag 2 van 6

Welke stap volgt na het inschakelen van het batterijpack?

Volgens de huidige volgorde volgt eerst de DC-schakelaar of zekering.
Vraag 3 van 6

Wat is de derde stap van de huidige opstartprocedure?

De AC-voeding wordt als derde stap ingeschakeld.
Vraag 4 van 6

Wat moet de externe ESD/noodstop volgens het huidige assessment kunnen doen?

Dit is precies de functie die het huidige praktijkassessment aan de ESD koppelt.
Vraag 5 van 6

Wat is bij ernstige rookontwikkeling de juiste hoofdlijn?

Dit volgt de calamiteitenprocedure uit de huidige handleiding.
Vraag 6 van 6

Welke informatie moet bij een calamiteit expliciet worden genoemd?

Het huidige assessment verlangt expliciete melding van LiFePO4 en het pakketformaat.
✓ Alle kennisvragen zijn beantwoord. U kunt Module 7 nu afronden.
Module 7 afronden

U KUNT STARTEN.
EN U WEET WANNEER U MOET STOPPEN.

U kent nu de opstartprocedure, de functie van de externe ESD en de calamiteitenprocedure uit het huidige BatterijRegeling-praktijktraject. In Module 8 sluiten we de opleiding af met storingen, veilig handelen en de voorbereiding op het examen.

← Module 6
Beantwoord eerst alle vragen van de kennischeck voordat u Module 7 afrondt.
7/8 MODULES