02 Veiligheid
Module 2

NORMEN &
VEILIGHEID.

Veilig installeren begint met weten binnen welk kader u werkt. In deze module behandelen we de normen en richtlijnen die binnen het huidige BatterijRegeling-certificeringstraject worden gebruikt voor veilig werken aan LiFePO4-energieopslagsystemen.

NEN
1010
Installatie Laagspanningsinstallatie & oplevering
NEN
3140
Veilig werken Elektrotechnische bedrijfsvoering
NPR
9090
DC Gelijkspanningsveiligheid
NEN
4288
EOS Bedrijfsvoering batterijopslag
PGS
37-1
Opslag Veilige opstellingsplaats
Leerdoelen

NIET ALLEEN WETEN WAT. OOK WAAROM.

01 U herkent de vijf belangrijkste kaders uit het BR-certificeringstraject.
02 U kunt iedere norm of richtlijn koppelen aan het juiste praktijkonderwerp.
03 U begrijpt waarom veilige bedrijfsvoering onderdeel is van vakbekwaam installeren.
04 U herkent belangrijke veiligheidsrisico's rond AC, DC en grote kortsluitstromen.
Les 01

WAAROM WERKEN MET NORMEN?

Bij een batterij-installatie komen meerdere technische disciplines samen. De installateur werkt met laagspanning, hoge DC-stromen, batterijopslag, elektrische bedrijfsvoering en een fysieke opstellingsplaats.

Daarom gebruikt het huidige BatterijRegeling-certificeringstraject meerdere normen en richtlijnen naast elkaar.

Niet uit het hoofd leren om het uit het hoofd leren

Het doel van deze opleiding is vooral dat u begrijpt welk kader invloed heeft op welke handeling. Situatie, risico en handeling moeten aan elkaar gekoppeld worden.

Van norm naar handeling

Tijdens de opleiding koppelen we de theorie steeds terug naar de dagelijkse praktijk van de installateur.

1
Situatie herkennen Wat treft u aan op locatie?
2
Risico bepalen Welk veiligheidsrisico hoort daarbij?
3
Juiste kader herkennen Welke norm of richtlijn speelt hier een rol?
4
Correct handelen Welke veilige handeling volgt daaruit?
Les 02

VIJF KADERS.
ÉÉN VEILIGE INSTALLATIE.

Binnen het huidige BR-certificeringstraject worden de volgende vijf kaders gebruikt.

NEN 1010

Laagspanningsinstallatie

Binnen het opleidingsmateriaal wordt NEN 1010 gekoppeld aan de AC-zijde, meterkastkoppeling, opleveringsmetingen en functionele integratie van het Energy Management System.

Denk aan: AC + metingen + oplevering
NEN 3140

Veilig werken

NEN 3140 wordt in het traject gekoppeld aan veilige elektrotechnische bedrijfsvoering, veiligheidsinstructies, aanwijzingen en spanningsloos werken.

Denk aan: monteur + werkwijze + veiligheid
NPR 9090

DC-veiligheid

NPR 9090 wordt gebruikt bij het werken aan gelijkspanningsinstallaties en de aandacht voor veilige batterijverbindingen en het voorkomen van gevaarlijke DC-vlambogen.

Denk aan: DC + kabels + vlambogen
NEN 4288

Bedrijfsvoering EOS

NEN 4288 wordt binnen het opleidingsmateriaal gebruikt voor aanvullende eisen rond veilige bedrijfsvoering, beheer en onderhoud van batterij-energieopslagsystemen.

Denk aan: EOS + beheer + bedrijfsvoering
Les 03

VEILIG WERKEN BEGINT BIJ DE MONTEUR.

Het huidige praktijkassessment begint bewust niet met de batterij of omvormer, maar met de voorbereiding van de kandidaat.

Daarin worden persoonlijke beschermingsmiddelen, correct geïsoleerd gereedschap en de veiligheid van de werkplek expliciet beoordeeld.

Voor de eerste aansluiting

PBM's controleren Veiligheidsschoenen, geschikte werkkleding en werkhandschoenen.
Geen metalen sieraden Horloges en metalen sieraden vormen een extra kortsluitrisico rond accupolen.
Geïsoleerd gereedschap Het bestaande assessment verlangt correct geïsoleerd handgereedschap.
Werkplek markeren De kandidaat benoemt ook het gebruik van passende veiligheidswaarschuwing bij de werkplek.
Les 04

VOP OF VP.
VEILIGE BEDRIJFSVOERING.

In het huidige theorie-examen wordt de kandidaat expliciet getoetst op het herkennen van VOP of VP als relevante NEN 3140-aanwijzing voor de monteur die de werkzaamheden en metingen uitvoert.

VOP

Voldoende Onderricht Persoon

Deze term komt binnen het bestaande BR-examen terug als één van de relevante aanwijzingen onder NEN 3140.

VP

Vakbekwaam Persoon

Ook deze aanwijzing wordt in het huidige opleidings- en examenmateriaal gekoppeld aan veilige elektrotechnische werkzaamheden.

Les 05

DC VRAAGT EXTRA AANDACHT.

!

Grote kortsluitstromen en DC-vlambogen

Het huidige opleidingsmateriaal legt sterk de nadruk op DC-veiligheid. LiFePO4-systemen kunnen zeer grote kortsluitstromen leveren. Daarom moeten batterijverbindingen zorgvuldig worden voorbereid, gecontroleerd en beschermd.

Mechanische bescherming DC-bekabeling moet volgens het huidige traject beschermd en vrij van onnodige mechanische belasting worden gemonteerd.
Polariteit Plus en min moeten vóór aansluiting ondubbelzinnig worden gecontroleerd.
Vlamboogpreventie Veilige verbindingen en kabelvoering zijn essentieel om gevaarlijke DC-vlambogen te voorkomen.
Les 06

VAN REGEL
NAAR HANDELING.

De normen zijn geen los theoretisch hoofdstuk. Ze komen terug in de echte installatieprocedure en in het praktijkassessment.

01 — NEN 3140

Voorbereiding

PBM's, geschikt gereedschap en een veilige werkomgeving worden beoordeeld voordat de technische handelingen beginnen.

02 — NPR 9090

DC-verbindingen

Kabelgeleiding, mechanische bescherming en polariteitscontrole worden gekoppeld aan veilige DC-installatie.

03 — NEN 1010

Metingen

Opleveringsmetingen en controles vormen een afzonderlijk onderdeel van het certificeringstraject.

04 — PGS 37-1

Opstellingsplaats

De fysieke locatie van de batterij wordt al tijdens de schouw beoordeeld op relevante veiligheidsaspecten.

05 — NEN 4288

Bedrijfsvoering

Veilige inbedrijfstelling, noodprocedure en beheer maken deel uit van de totale opleiding.

BR-STANDAARD

Alles samen

BatterijRegeling vertaalt de verschillende kaders naar één vaste werkwijze voor schouw, installatie, controle en oplevering.

Samenvatting

VIJF NAMEN.
VIJF FUNCTIES.

NEN 1010 Laagspanning, AC en opleveringsmetingen.
NEN 3140 Veilig werken en elektrotechnische bedrijfsvoering.
NPR 9090 DC-veiligheid en aandacht voor vlambogen.
NEN 4288 Veilige bedrijfsvoering van batterijopslagsystemen.
PGS 37-1 Veilige opslag en opstellingsplaats.
Kennischeck

WELK KADER HOORT WAAR?

De vragen hieronder zijn oefenvragen. Ze tellen niet mee voor het officiële examen.

Vraag 1 van 6

Welke norm wordt binnen het BR-traject gekoppeld aan veilige elektrotechnische bedrijfsvoering en veilig werken?

NEN 3140 wordt in het huidige BR-materiaal gekoppeld aan veilige elektrotechnische bedrijfsvoering.
Vraag 2 van 6

Welk kader wordt vooral gekoppeld aan DC-veiligheid en het voorkomen van vlambogen?

NPR 9090 wordt binnen het traject gebruikt voor gelijkspanningsveiligheid en aandacht voor DC-vlambogen.
Vraag 3 van 6

Welk kader speelt binnen het opleidingsmateriaal een belangrijke rol bij veilige opslag en de opstellingsplaats?

PGS 37-1 wordt in het huidige BR-traject gekoppeld aan veilige opslag en de beoordeling van de opstellingsplaats.
Vraag 4 van 6

Welke norm wordt in het opleidingsmateriaal gekoppeld aan aanvullende eisen voor de bedrijfsvoering van batterijopslagsystemen?

NEN 4288 wordt in jouw materiaal gekoppeld aan veilige bedrijfsvoering, beheer en onderhoud van EOS.
Vraag 5 van 6

Welke norm wordt binnen het traject gekoppeld aan AC-zijde, meterkastkoppeling en opleveringsmetingen?

Binnen het huidige BR-materiaal wordt NEN 1010 hieraan gekoppeld.
Vraag 6 van 6

Welke combinatie komt in het huidige BR-theorie-examen terug als relevante NEN 3140-aanwijzing?

In het huidige examen wordt VOP of VP als juiste antwoordcombinatie gebruikt.
✓ Alle kennisvragen zijn beantwoord. U kunt Module 2 nu afronden.
Module 2 afronden

VEILIGHEID HEEFT NU EEN KADER.

U kent nu de vijf belangrijkste normen en richtlijnen uit het huidige BatterijRegeling-certificeringstraject en weet welk praktijkonderwerp eraan wordt gekoppeld. In Module 3 gaan we de woning zelf beoordelen tijdens de technische schouw.

← Module 1
Beantwoord eerst alle zes vragen van de kennischeck voordat u deze module afrondt.
2/8 MODULES